



De kerk en het klooster van Hamipre
.
B-6840 HAMIPRE (NEUFCHATEAU)
De menigte kwam ter bedevaart naar de voeten van de bovennatuurlijke Maagd Maria. Er was geen pastoor voor de eredienst maar een ziekenbroeder die voor zijn kudde verantwoordelijk was en voor het ziekenhuis waar de armen en pelgrims onderdak vonden. Door de eeuwen heen konden de verantwoordelijken genade vinden bij de kasteelheren van Neufchâteau die deze kapel tot de hunne gemaakt hadden. Verscheidene van hen samen met hun officieren, de provoosten, werden daar begraven en hun beenderen rusten nog onder het
plaveisel van het koor en het kerkschip. In 1663 wordt de ziekenbroeder door een gemeensch van recollecties vervangen die door de kasteelheren van Neufchâteau beschermd wordt. Deze arme en bedelende monniken gaan door de dorpen heen om het door de ketterij bedreigde geloof te versterken en de seculiere geestelijken te helpen. In de parochie celebreren ze de mis en brengen bijzondere devoties op gang zoals die van het respijt voor het altaar van de Maagd Maria. Door een mirakel herleefde een gestorven pasgeborene zonder gedoopt te zijn gedurende de enkele minuten die nodig waren om hem het sacrament te bedienen. Sint Eligius en sint Maur kenden ook het succes van de genezende sinten.
-A. SCHONNE, Histoire des Récollets dans la province de Luxembourg, in Annales de l'Institut Archéologique du Luxembourg, t. LXXXIII, Arlon, 1952.
